Ons onderwijs

Praktijkonderwijs

Het praktijkonderwijs is een leerweg binnen het voortgezet onderwijs. Het richt zich op leerlingen van 12 tot 18 jaar en leidt op naar arbeid. Thema’s als wonen, werken, vrije tijd en burgerschap komen bij ons ruimschoots aan bod. We werken hieraan door:

  •          bevorderen van praktische en sociale redzaamheid;
  •          aanbieden van theoretische en praktische vakken;
  •          voorbereiding op arbeid;
  •          arbeidsbemiddeling.

Deze zaken zijn vertaald in allerlei activiteiten zoals theorielessen, arbeidstraining en stage. Vaak is zo’n activiteit voor de hele groep hetzelfde. Daarnaast heeft elke leerling een eigen leerroute, waardoor de leerling op eigen niveau kan werken aan zaken als taal, rekenen en wereldoriëntatie. Ook bij de praktijkvakken en de stage zien we die eigen leerroute terug. Som­mige leerlingen kunnen bijvoorbeeld al in een vroeg sta­dium zelfstandig machines bedienen, terwijl anderen dan nog toezicht nodig hebben.

Passend onderwijs

’t Genseler maakt deel uit van het samenwerkingsverband 2302VO, hierin zitten alle scholen voor Vo en VSO uit Enschede, Oldenzaal, Borne, Delden, Goor en Hengelo. Het samenwerkingsverband bespreekt hoe speciale zorgleerlingen opgevangen gaan worden in het kader van passend onderwijs: regulier als het kan, speciaal als het moet.

Onderbouw

In de onderbouw zijn veiligheid en structuur kernbegrippen. De mentor is de spil. Het leren vindt voornamelijk plaats binnen de schoolmuren. De ene helft van de lessen bestaat uit algemeen vormende vakken zoals lezen, Nederlands, Engels, rekenen, sociale vaardigheden en cultuur en maatschappij. De andere helft bestaat uit praktijk­vakken; zoals koken, verzorging, techniek, groen, CKV, bouwtech­niek, metaal en textiele werkvor­men.

Onderbouw 1 (OB1): Er wordt aanvankelijk veel tijd gestoken in gewenning, je veilig voelen en aan groepsvorming. Het vak techniek is onder anderen de voorloper van de vakken bouw- en metaaltechniek. Deze twee vakken komen de leerlingen in een later stadium (tweede leerjaar) tegen. De week wordt afgesloten met de hobbymiddag. Leerlingen maken onder schooltijd kennis met verschillende activiteiten waarmee ze op een zinvolle manier hun vrije tijd kunnen vullen.

Onderbouw 2 (OB2): staat vooral in het teken van praktische sector oriëntatie (PSO.) Naast eerdergenoemde vakken oriënteren de leerlingen zich dit jaar dankzij de praktijkvakken op wat ze willen en wat ze kunnen. Aan het eind van dit tweede jaar worden er aan de hand van de ervaringen binnen het PSO en meerdere gesprekken rondom het ontwikkelperspectiefplan (OPP), beslissingen genomen rondom de (voorlopig) te kiezen richting van de leerling en worden de keuzevakken voor het derde jaar vastgesteld.

Bovenbouw

In de bovenbouw (vanaf ± 15 jaar) ligt de nadruk op het verder uitbouwen van de sociale en praktische red­zaamheid. De leerling loopt inmiddels stage en een aantal lessen staat in het teken hiervan (beroepenoriëntatie). Verder staat in de bovenbouw de begeleiding naar passende arbeid centraal. Stage neemt een toenemend deel van de week in beslag. In de eindgroep zijn de leerlin­gen gemiddeld nog maar één dag per week op school. De meeste leerlingen verlaten de school met werk of een passend perspectief rond hun achttiende.

Leerling bij de balie.